Menu

Verhalen die zich slingeren als een bergpad.

Leestip van Hilde Devoghel redacteur, schrijfster

Verhalen die zich slingeren als een bergpad.

Een jong koppel adopteert een egel; een man zoekt een muntstuk; een uitgemergeld paardje staat weer op; een vrouw in een bergdorp komt nooit meer thuis; een wandeling eindigt in een nachtmerrie...
 
De verhalen van de Zwitserse schrijver Ludwig Hohl (1904-1980) zijn weerbarstig. Ze verkruimelen landschappen en mensen, ze slingeren zich als een bergpad. Als lezer voel je de schrijver zoeken, vinden en denken. ‘Dingen denken. Allemaal denken ze – we moeten doen… het ging me om de uitgang.’  ‘Hij zoekt iets. Ja, hij heeft het in zijn hoofd gezet iets te vinden, het brandt in hem, vreet aan hem [...]’ ‘Een vreemd, sterk gevoel maakte zich van hem meester: het gevoel dat hij datgene wat hij moest zoeken al bezat, dat het er al was. – Hij bezat iets.’
 
Schrijver Ludwig Hohl trok als twintigjarige naar Parijs om er een schrijversleven te beginnen. Dat liep niet goed af want in 1931 vluchtte hij voor zijn schuldeisers naar Den Haag, daar schreef hij een korte reeks verhalen en zijn levenswerk, de Notizen. Opnieuw door schuldeisers achtervolgd keerde hij in maart 1937 terug naar Zwitserland. De laatste jaren van zijn leven tenslotte woonde hij in een legendarische kelderwoning in Genève, waar hij zijn novelle Bergfahrt, voltooide.

‘Op weg door de nacht’ bevat elf verhalen en een tiental pagina’s Notizen. Zo is er het verhaal van  ‘Drie zotte wieven in een bergdorp’. In dit verhaal leer je drie vrouwen kennen ‘De ontzaglijke’, ‘De stille’ en ‘De verschrikkelijke’.
Hohl is een meester in persoonsbeschrijvingen: ‘De ontzaglijke’ is  ‘als een vesting’, haar leeftijd ‘diende als brug naar een andere tijd, die je je anders alleen maar kon denken, maar die hier met eigen ogen te zien was, de tijd toen de mens nog moeizaam en in een moeilijk te omschrijven eenheid met de dingen leefde.’ ‘De stille’ heeft een in het oog springend gebrek: ‘bij het lopen vormt de romp van de vrouw een rechte hoek met haar benen, bijna horizontaal; in de onderrug zit een soort holte waarin zij tijdens het lopen haar gevouwen handen pleegt te leggen.’

Het laatste verhaal, ‘Nachtelijke weg’, speelt zich af in een bergdorp; een man loopt ’s nachts van het café via een landweg naar zijn pension buiten het dorp. Hij komt een andere man tegen en ze zeggen enkel ‘goedenavond’ tegen elkaar. Maar ook daar gaat het over het leven: ‘De mens is niet universeel’ zegt Hohl, hij kan niet alles doen maar hij kan ‘streven naar het hoogste resultaat, gemeten aan het beste.’

‘Op weg door de nacht’ is geen gewone verhalenbundel, het is een verzameling parabels, een kleinood. 
 
Leestip van Hilde Devoghel redacteur, schrijfster
Deel deze tip:

Reactie toevoegen

Plain text

  • Geen HTML toegestaan.
  • E-mail- en internetadressen worden automatisch aanklikbaar.
  • Regels en alinea's worden automatisch gesplitst.
Image CAPTCHA
Type de code over in bovenstaand veld.

Reacties